De hele ochtend voel ik al onrust in mijn lijf en hoofd.
Geen zin om in de tuin te werken. Geen zin in lezen. Geen zin in de sportschool.
Ik heb zin in het strand. In de zee.
Na een mooie sessie gegeven te hebben, keert de onrust direct weer terug. Het is onderhand 14 uur.
Ik plant nog wat spinaziezaadjes. Ga op de bank liggen. Het is het allemaal niet.
Ik wíl naar het strand.
Maar dan begin ik te twijfelen. Wil ik wel echt? Is het geen afleiding?
Ik ga toch niet zo laat nog hélemaal naar Wijk aan Zee rijden?
Kost weer geld.
Ik heb geen zin om alleen te gaan. En niemand kan.
Wil ik nou écht gaan?
Blijf gewoon thuis en werk wat, zegt een stemmetje.
Ik neem een diepe ademhaling en voel: ja, ik wil gewoon gaan.
Ik pak mijn spullen bijeen en stap in de auto.
Eerst rijd ik verkeerd doordat ik in een telefoongesprek zit met mijn beste vriendin. Daarna kom ik in de file op de ring van Amsterdam.
Het is heet en ik raak ongeduldig.
Zie je wel, dit plan was geen goed idee.
Als ik uitstap in Wijk aan Zee is het heerlijk rustig.
Het zonnetje schijnt, het is koud, en er zijn bijna geen mensen.
Ik zet de eerste stappen op het zand met mijn blote voeten.
Ik ruik de geur van de zee, hoor de golven, en een geluksgevoel overspoelt me.
Ja, ik ben hier alleen.
Ik moest er 1,5 uur voor rijden.
Maar ik móést hier gewoon zijn.
Ik begin te lopen en vind allemaal bijzondere schelpjes, waaronder een prachtig slakkenhuis uit de zee.
Inspiratie stroomt door me heen, die ik opneem op de dictafoon van mijn telefoon.
Ik kijk naar de natuur en al zijn vormen en vraag me af waarom wij alles bouwen en ontwerpen in hokjes en vierkanten. Geen wonder dat we ons zo opgesloten voelen.
Na een kleine twee uur wandelen plof ik neer bij Aloha.
Ik bestel een goed glas rode wijn én een pizza, lees een Linda en geniet van de ingezette zonsondergang.
Ik mijmer over keuzes maken vanuit je hart vs. je hoofd.
Hoe je hart dus vaak fluistert.
En je bijna zoiets hebt van: Hoor ik het nou goed?
Terwijl je hoofd er overheen schreeuwt met allemaal hele goede redenen om het níet te doen.
Hoe onlogisch hartenkeuzes dus vaak lijken.
En dat de magie van hartenkeuzes niet te voorspellen is.
Mijn hoofd had zoiets van: Ja, ben je straks op het strand aan het lopen. Hoe interessant is dat nou?
Maar de magie van een hartenkeuze blijkt vaak pas als je er tóch voor gaat.
De betekenis is veel dieper dan je ooit kunt bedenken.
In dit geval: het gevoel wat ik van het strand kreeg. De inspiratie. Het geluksgevoel van met mezelf op avontuur gaan.
Hoe je dat nou doet, keuzes vanuit je hart maken?
Voor mij is het vooral: oefenen!
Waar krijg je een nudge — altijd zo’n prachtig, onvertaalbaar Engels woord — van je hart?
Wat heb je nodig? Wat trekt je?
Misschien wat onlogisch of spannend, maar je voelt ergens dat de energie ernaartoe stroomt.
En dan alle rationele stemmen die het wellicht overnemen.
Die ook écht goede redenen hebben.
Wat als je dan tóch eens de stap neemt. Als experiment.
Het is voor mij net zo met dit schrijven.
Mijn hart wordt hier zó blij van.
Terwijl mijn hoofd er ook echt nog van alles van vindt:
Wat heeft het voor zin? Alles is toch al eens geschreven? Wie heeft hier nou iets aan?
Maar het maakt míj blij!
Het vervult me.
Keuzes vanuit mijn hart brengen zo’n diepte, dat voor mij tijd en ruimte dan ook wegvallen.
De lineaire tijd doet er niet meer toe, omdat de ervaring mijn ziel verrijkt.
En wat is er nou mooier dan dat?
X Jolijn



